Vlaamse Wonderjaren

Dit speelt nu bij Vlaamse Wonderjaren:

Rosita Tahon (1948)

Rosita Tahon, ‘de patrones van de Vlaamse volksmuziekliefhebbers’, wordt 76 vandaag. Zij is de vrouw van ’t Kliekske, in de jaren ’60 de Pajotse pioniers van de Vlaamse folk.

Wat weinigen weten is dat ’t Kliekske zijn eerste platencontract kreeg bij (streekgenoot) Sylvain Tack, bekend van Paul Severs, John Horton en anderen. Tack wilde met een authentieke folkgroep vooral bekomen dat zijn Start-label ernstig werd genomen in de Vlaamse muziekindustrie van die dagen.

Bij Vlaamse Wonderjaren hoor je volgende liedjes van ’t Kliekske:

  • De Snijdersbank
  • Den Emmer
  • Drinklied
  • Hoge Bergen
  • Moeder Ik Ben Zo Raar Van Binnen
  • Naar Bellingen – 1969
  • Oscar – 1969

Je zou ook interesse kunnen hebben in...

« Pater Pax had uit het tienerblad Jukebox een advertentie geknipt van Jean Kluger, die jong talent vroeg om een bandje in te sturen. Wij meenden dat Kluger, een grote meneer in de muziekwereld, voor ons veel te hoog gegrepen was, maar pater Pax zette door. Hij haalde er zijn oude bandopnemer bij. Een van de liedjes die we opnamen was ‘Come to me’, wat later mijn eerste single ‘Geen wonder dat ik ween’ zou worden. En jawel hoor, een week later kregen we al bericht van Kluger dat we op auditie mochten komen. Pater Pax voerde ons met zijn Wartburg naar Brussel. Kluger was enthousiast, hij had enkel twee opmerkingen: The Criminals vond hij geen goede naam en hij wilde dat ik in het Nederlands zou zingen. We reageerden ontgoocheld, want als jongeren keken we neer op Nederlandstalige muziek. Het waren de dagen van de Engelse beatmuziek. Dat is wat wij speelden en Kluger begon over schlagers. Ik dacht: wat is dat nu weer, een schlager? Maar Kluger overtuigde ons en van die eerste single in 1967 verkochten we toch zevenduizend exemplaren. »Paul Severs
Goeiedag, 24 april 2013